Informatie over het woord malen (Nederlands → Esperanto: frenezi)

Uitspraak/ˈmalə(n)/
Afbrekingma·len
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) maal(ik) maalde
(jij) maalt(jij) maalde
(hij) maalt(hij) maalde
(wij) malen(wij) maalden
(gij) maalt(gij) maaldet
(zij) malen(zij) maalden
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) male(dat ik) maalde
(dat jij) male(dat jij) maalde
(dat hij) male(dat hij) maalde
(dat wij) malen(dat wij) maalden
(dat gij) malet(dat gij) maaldet
(dat zij) malen(dat zij) maalden
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
malend, malende(hebben) gemaald

Voorbeelden van gebruik

Maar hij is nu natuurlijk malende.

Vertalingen

Duitsspinnen; verrückt sein; wahnsinnig sein
Engelsact crazy; rave
Esperantofrenezi
Fransêtre fou
IJslandstala í óráði
Latijnmorari