Nederlands–Zweeds woordenboek

Zweedse vertaling van het Nederlandse woord zoemer

Nederlands → Zweeds
  
NederlandsZweeds (indirect vertaald)Esperanto
(brommen; gonzen; snorren; suizen)
surra
🔗 Insecten zoemden en staken.
(gebrom; gegons; gezoem)
surr

Het woord zoemer kon door ons niet in de geselecteerde doeltaal vertaald worden.