Nederlands–Zweeds woordenboek
Zweedse vertaling van het Nederlandse woord snijden
| Nederlands | Zweeds (indirect vertaald) | Esperanto |
|---|---|---|
| (bluffen; opscheppen; pochen; snoeven; snorken; ophakken; grootspreken) | skryta | |
| ||
| (kleermaker; tailleur) | skräddare | |
Het woord snijden kon door ons niet in de geselecteerde doeltaal vertaald worden.