Nederlands–Zweeds woordenboek

Zweedse vertaling van het Nederlandse woord hoffelijk

Nederlands → Zweeds
  
NederlandsZweeds (indirect vertaald)Esperanto
(beleefd; heus; wellevend)
artig
;
hövlig
🔗 Pulk maakte een hoffelijk gebaar.
(plaats)
gård
;
gårdstomt
🔗 De hof was leeg.
(tuin)
🔗 Er stonden verscheidene kale fruitbomen in de hof.
(beleefdheid)
artighet
🔗 Ik dank u voor uw hoffelijkheid.
(onbeleefd)
gensvarig
;
oartig
;
oblyg
;
oförsynt
;
ohövlig
🔗 Hier, helaas, moet ik onhoffelijk jegens u zijn.