Nederlands–Zweeds woordenboek

Zweedse vertaling van het Nederlandse woord etenswaar

Nederlands → Zweeds
  
NederlandsZweeds (indirect vertaald)Esperanto
(eten; gerecht; spijs)
mat
;
maträtt
🔗 Puc deed een stap achteruit toen ze neerknielde en begon met het uitpakken van de etenswaren.
(spijs)
mat
;
maträtt
(bikken; vreten; nuttigen)
spisa
;
äta
🔗 Dat zal ik doen zodra ik iets heb gegeten.
(maaltijd)
måltid
vara
(eigenlijk; heus; waarachtig)
sann
🔗 Dat kan toch niet waar zijn!
🔗 Waar is de patiënt?
(alwaar)
🔗 Hij weet wel waar.