Nederlands–Zweeds woordenboek

Zweedse vertaling van het Nederlandse woord doen

Nederlands → Zweeds
  
NederlandsZweeds (indirect vertaald)Esperanto
(steken; plaatsen; stoppen; zetten)
lägga
;
ställa
;
sätta
🔗 Die gaf zijn gevangenen nog goed te eten, al deed hij wat veel knoflook in de soep.
(indienen; voorstellen; brengen)
presentera
🔗 Nu zal ik jullie een voorstel doen.
luttra
;
rena
;
rengöra
;
rensa
;
sovra
(veinzen; voorgeven; voorwenden)
låtsas som om
ŝajnigi
🔗 Hij deed maar alsof hij sliep!
(bijvoegen; toevoegen)
bifoga
(imiteren; nabootsen; navolgen)
efterbilda
;
imitera
🔗 Langzamerhand is hij gaan begrijpen wat ze bedoelden en is hij het gaan nadoen.
(winkelier)
butiksinnehavare
(openen; openmaken; openstellen; aanbreken)
stänga
🔗 Ga opendoen!
(verkopen)
avyttra
;
försälja
;
sälja
(lonen; belonen; vergelden; wedervergelden)
belöna
toedoen
bistånd
;
biträde
;
hjälp
(opmaken; verkwisten; vermorsen; verspillen; verknoeien)
slösa
;
öda
;
ödsla
🔗 Hij had tijd genoeg, maar hij was niet van plan die tijd te verdoen.