Nederlands–Zweeds woordenboek

Zweedse vertaling van het Nederlandse woord blazen

Nederlands → Zweeds
  
NederlandsZweeds (indirect vertaald)Esperanto
(waaien; blazen op)
blåsa
🔗 De wind blies over de wateren.
(blazen; waaien)
blåsa
🔗 Als je in nood zit, moet je daarop blazen.
de kraaienmars blazen
(doodgaan; sterven; de pijp uit gaan; aan zijn eind komen)
avlida
;
(afgelasten; annuleren; afzeggen)
arbeställa
🔗 Het wijzigen van de grondwet kan hem in staat stellen de verkiezingen uit te stellen of helemaal af te blazen.
blåsa
;
bläddra