Nederlands–Zweeds woordenboek
Zweedse vertaling van het Nederlandse woord beginnend
| Nederlands | Zweeds (indirect vertaald) | Esperanto |
|---|---|---|
| (aanvangen; aanvaarden; beginnen aan; beginnen met; inzetten; starten; een begin maken met; aangaan; aanheffen) | begynna ; börja | |
| ||
| (aanbreken; aanvangen; ingaan; een aanvang nemen; inzetten; intreden; ertoe overgaan; van start gaan) | begynna ; börja | |
| ||