Nederlands–Spaans woordenboek

Spaanse vertaling van het Nederlandse woord zus

Nederlands → Spaans
  
NederlandsSpaans (indirect vertaald)Esperanto
(zuster)
🔗 André Hazes denkt dat het tussen hem en zijn zus Roxeanne nog wel goed kan komen.
(schoonzuster)
🔗 Hij trouwde in 1630 in Amsterdam met Porcellis’ schoonzus Judith Flessiers.