Nederlands–Spaans woordenboek
Spaanse vertaling van het Nederlandse woord sluiter
| Nederlands | Spaans (indirect vertaald) | Esperanto |
|---|---|---|
| (dichtdoen; dichtmaken; toedoen) | cerrar | |
| ||
| (op slot doen; afsluiten; dichtsluiten) | cerrar ; cerrar con llave | |
| ||
Het woord sluiter kon door ons niet in de geselecteerde doeltaal vertaald worden.