Nederlands–Spaans woordenboek

Spaanse vertaling van het Nederlandse woord blik

Nederlands → Spaans
  
NederlandsSpaans (indirect vertaald)Esperanto
lata
chapa
;
plancha de metal
(blikje; bus; trommel)
caja
;
lata
;
lata de conservas
🔗 Wil je een blik soep?
(kijkje)
mirada
🔗 Een enkele blik was voor de geleerde voldoende om de toestand op te nemen.
(kijk)
mirada
🔗 Wie het niet met hem eens was, werd slechts een vernietigende blik waardig gekeurd.
pala
(een blik werpen op; blikken; aanblikken)
mirar
🔗 Ze wierp een blik op de kaart, toen omhoog naar mij.
(aanblikken)
mirar
🔗 Ik wierp een blik op het kompas.
(aanzien; air; uiterlijk; vóórkomen; aspect)
apariencia
;
aspecto
🔗 Ik kan die aanblik niet verdragen.
mirar
🔗 Heer Bommel trad nader en blikte naar het bordje.
de lata
lada
(opener)
abrelatas
cizalla
abrelatas
hojalatero
hojalatero
(moment; tijdstip)
instante
; ;
momento
🔗 Maar dit duurde maar een ogenblik.