Nederlands–Duits woordenboek

Duitse vertaling van het Nederlandse woord spanlaken

Nederlands → Duits
  
NederlandsDuits (indirect vertaald)Esperanto
(afkeuren; berispen; gispen; wraken)
zurechtweisen
(beddelaken)
Bettuch
;
Bettlaken
;
Laken
🔗 Met bevende vingers knoopte hij enige lakens aan elkaar en liet zich met grote snelheid uit het raam zakken.
(inspannen)
spannen
;
anspannen
;
vorspannen
;
einspannen
;
anschirren
(uitrekken)
aufziehen
;
spannen
;
anspannen
;
ausspannen
;
straffen
;
anziehen
🔗 Ik heb de draden weer gespannen.

Het woord spanlaken kon door ons niet in de geselecteerde doeltaal vertaald worden.