Nederlands–Afrikaans woordenboek

Afrikaanse vertaling van het Nederlandse woord vrees

Nederlands → Afrikaans
  
NederlandsAfrikaans (indirect vertaald)Esperanto
(beduchtheid);
🔗 Welnu, heb geen vrees.
vrees koesteren voor
(bang zijn voor; duchten; schromen; vrezen; bang zijn)
;
(bang; beducht)
🔗 Hij zal bevreesd zijn.
(bang zijn voor; duchten; schromen; bang zijn; vrees koesteren voor);
🔗 En waarom vreest ge die?