Engels–Nederlands woordenboek
Nederlandse vertaling van het Engelse woord cast
| Engels | Nederlands (indirect vertaald) | Esperanto |
|---|---|---|
| (shed; unseat) | elseligi | |
| (found) | ||
| ; | ||
| (mould) | ; | |
| (throw; pitch; toss) | ||
| ||
| (give; yive) | ||
| ||
cast doubt (sow doubt) | ||
cast off | detriki | |
cast off (fling off; throw off; fling down) | ||
cast up (add; add up; tot up) | ||
cast‐off | ||
| Engels | Nederlands |
|---|---|
| cast | ⇆ aard; ⇆ afdanken; ⇆ afgieten; ⇆ afgietsel; ⇆ afwerpen; ⇆ bezetten; ⇆ bezetting; ⇆ biggen; ⇆ cast; ⇆ casten; ⇆ gegoten; ⇆ giet‐; ⇆ gieten; ⇆ gietvorm; ⇆ gipsverband; ⇆ gooi; ⇆ kromtrekken; ⇆ model; ⇆ neerwerpen; ⇆ pleistermodel; ⇆ rolbezetting; ⇆ rolverdeling; ⇆ soort; ⇆ spelers; ⇆ tikje; ⇆ tint; ⇆ tintje; ⇆ type; ⇆ uitbrengen; ⇆ uitwerpen; ⇆ veroordelen; ⇆ vorm; ⇆ wenden; ⇆ werpen; ⇆ worp |
| be cast as | ⇆ de rol van … toebedeeld krijgen |
| be cast away | ⇆ verongelukken |
| cast a horoscope | ⇆ een horoscoop trekken |
| cast accounts | ⇆ de rekening opmaken |
| cast a slur on | ⇆ een blaam werpen op; ⇆ een smet werpen op |
| cast aside | ⇆ aan de kant zetten; ⇆ ter zijde gooien; ⇆ weggooiem |
| cast a spell on | ⇆ betoveren; ⇆ fascineren |
| cast away | ⇆ verkwisten; ⇆ wegwerpen |
| cast back | ⇆ teruggaan |
| cast back to | ⇆ teruggaan naar |
| cast doubt | ⇆ twijfel zaaien |
| cast down | ⇆ neerslaan; ⇆ neerwerpen; ⇆ terneergeslagen; ⇆ terneerslaan |
| cast in costs | ⇆ in de kosten verwijzen |
| cast in one’s lot with | ⇆ het lot delen van; ⇆ het lot willen delen van; ⇆ zich aan de zijde scharen van |
| cast in the same mould | ⇆ op dezelfde leest schoeien; ⇆ uit hetzelfde hout gesneden; ⇆ van hetzelfde type |
| cast light on | ⇆ duidelijk maken; ⇆ licht werpen op |
| cast loose | ⇆ losgooien |
| cast lots | ⇆ loten |
| cast off | ⇆ afdanken; ⇆ afhechten; ⇆ afkanten; ⇆ afwerpen; ⇆ de omvang berekenen; ⇆ losgooien; ⇆ loslaten; ⇆ verstoten |
| cast on | ⇆ opzetten |
| cast oneself on | ⇆ een beroep doen op; ⇆ zich overgeven aan |
| cast one’s mind back to | ⇆ zich herinneren |
| cast one’s vote | ⇆ zijn stem uitbrengen |
| cast out | ⇆ uitdrijven; ⇆ uitwerpen; ⇆ verjagen |
| cast shadow | ⇆ slagschaduw |
| cast somebody’s horoscope | ⇆ iemands horoscoop trekken |
| cast somebody’s nativity | ⇆ iemands horoscoop trekken |
| cast something in somebody’s teeth | ⇆ iemand iets onder de neus wrijven; ⇆ iemand iets voor de voeten werpen |
| cast up | ⇆ opslaan; ⇆ optellen; ⇆ opwerpen |
| cast work | ⇆ gietwerk |
| have a cast in one’s eye | ⇆ loensen |
| plaster cast | ⇆ gipsafdruk; ⇆ gipsafgietsel; ⇆ gipsmodel; ⇆ gipsverband |
| caster | ⇆ gieter; ⇆ kaartlegger; ⇆ kaartlegster; ⇆ rekenaar; ⇆ rolletje; ⇆ strooibus; ⇆ strooier; ⇆ werper |
| cast‐iron | ⇆ gietijzer; ⇆ gietijzeren; ⇆ hard; ⇆ ijzersterk; ⇆ vast |
| cast‐off | ⇆ afdankertje; ⇆ afgedankt; ⇆ aflegger; ⇆ afleggertje |
| cast‐steel | ⇆ gietstaal |
| downcast | ⇆ neergeslagen; ⇆ neerslachtig; ⇆ terneergeslagen |
| miscast | ⇆ een niet passende rol geven; ⇆ een verkeerde rolbezetting kiezen; ⇆ foutief opstellen |
| mole‐cast | ⇆ molshoop |
| news‐cast | ⇆ journaal; ⇆ nieuwsuitzending; ⇆ radionieuwsdienst |
| recast | ⇆ de rollen opnieuw verdelen van; ⇆ omgieten; ⇆ omwerken; ⇆ omwerking; ⇆ opnieuw berekenen; ⇆ opnieuw bewerken; ⇆ opnieuw gieten; ⇆ opnieuw vormen |
| roughcast | ⇆ berapen; ⇆ betraping; ⇆ eerste ontwerp; ⇆ in ruwe trekken aangeven; ⇆ kalken; ⇆ ruw; ⇆ ruwe pleisterkalk; ⇆ ruwe schets |
| stone’s‐cast | ⇆ steenworp |
| upcast | ⇆ naar boven gericht; ⇆ naar boven geworpen; ⇆ omhoog werpen; ⇆ opwaartse verschuiving; ⇆ ventilatieschacht |