Nederlands–Afrikaanse woordeboek

Afrikaanse vertaling van die Nederlandse woord genoot

Nederlands → Afrikaans
  
NederlandsAfrikaans (onregstreeks vertaal)Esperanto
(krijgen; ontvangen; bekomen);
🔗 Hij genoot een officieel jaarsalaris van ongeveer 30.000 euro, maar beschikte tegelijkertijd over peperdure villa’s in onder meer Zuid‐Afrika en Groot‐Brittannië.
(genieten van; savoureren)
(genieten van; zich verheugen in)
🔗 Hij woont in de buurt van Moskou, geniet daar bescherming van president Vladimir Putin en het lijkt er niet op dat Rusland van plan is hem uit te leveren.
(gezelschap; sociëteit; vereniging);
🔗 Het is door een of ander genootschap aangekocht.
🔗 Op een school in de Zuidduitse stad Offenburg heeft een vijftienjarige leerling donderdag een klasgenoot neergeschoten.
(evenknie)
🔗 Of hij daarin erg verschilde van zijn tijdgenoten is de vraag.