Nederlands–Afrikaanse woordeboek
Afrikaanse vertaling van die Nederlandse woord bijten
| Nederlands | Afrikaans (onregstreeks vertaal) | Esperanto |
|---|---|---|
| (happen) | ||
| ||
| (doorzetten; voet bij stuk houden; volharden; volhouden; het houden; het uithouden) | ||
uitbijten (aantasten; corroderen; uitvreten; wegvreten) | ||