Niederländisch–Deutsches Wörterbuch

Deutsche Übersetzung des niederländischen Wortes brug

Niederländisch → Deutsch
  
NiederländischDeutsch (indirekt übersetzt)Esperanto
Barren
🔗 Ze viel van de brug af en zakte naar een 9e plaats.
(commandobrug)
Kommandostand
;
Kommandostelle
;
🔗 Ik heb op de brug een lamp gezien.
🔗 Daar voor ons is een brug!
(wipbrug)
Hubbrücke
;
Klappbrücke
(barbacane);
(brug)
Kommandostand
;
Kommandostelle
;
🔗 Na de ronde over het gehele schip ging de hele processie naar de commandobrug.
pendoponto
🔗 In de Franse plaats Mirepoix‐sur‐Tarn is maandag een hangbrug ingestort.
Steg
;
Steig
Luftbrücke
Glabella
(schipbrug; vlotbrug)
Floßbrücke
;
Schwimmbrücke
🔗 Maar dat deed hij niet, en zo kwamen wij allemaal samen druk pratend bij de pontonbrug over de vijver.
schipbrug
(vlotbrug)
Floßbrücke
;
Schwimmbrücke
🔗 Achter elkaar klommen ze de trap op en stonden een ogenblik later voor de spoorbrug.
vlotbrug
(schipbrug)
Floßbrücke
;
Schwimmbrücke