Dizionario olandese–italiano

Traduzione italiana della parola olandese werkweek

olandese → italiano
  
olandeseitaliano (tradotto indirettamente)esperanto
(mals; zacht)
molle
🔗 Of ben ik toch te week geweest?
settimana
🔗 Maar dat kon je niet elke week volhouden.
(arbeiden)
lavorare
🔗 Er wordt hard en lang gewerkt.
commettere
;
fare
🔗 Hij vroeg zich af of hij soms op de ruïnes van de beschaving keek die deze vreemde mensen gewrocht hadden te midden van de woeste omgeving van hun vreemde, wilde verblijfplaats.