Dizionario olandese–italiano

Traduzione italiana della parola olandese hefhaak

olandese → italiano
  
olandeseitaliano (tradotto indirettamente)esperanto
(angel; vishaak)
amo
🔗 De vis zat aan de haak en was opgehaald.
(beuren; ophalen; tillen; opheffen; opnemen; optillen; oplichten; lichten; omhoogheffen)
alzare
🔗 De edelman stond op en hief zijn lorgon.