Dictionnaire néerlandais–français

Traduction française du mot néerlandais roemrijk

néerlandais → français
  
néerlandaisfrançais (traduit indirectement)espéranto
(glorierijk; roemvol; illuster);
(rijkelijk; uitbundig)
abondamment
;
largement
;
copieusement
;
à profusion
;
amplement
;
à foison
(overvloedig; uitbundig; weelderig);
copieux
;
plantureux
;
ample
;
large
;
profus
🔗 De rijkste bloei van deze planten krijgt u in arme grond.
(imperium; keizerrijk)
empire
(staat)
puissance
;
règne
🔗 Zij kregen dit recht van de koning vanwege hun trouw aan het rijk.
(gefortuneerd; vermogend)
riche
🔗 We zijn rijk, jongen!
(staat)
🔗 Het gaat toch niet aan dat ’s rijks schatkist leeg staat terwijl er mensen bestaan met geld op de bank!
(faam; befaamdheid)
rennomée
;
réputation
🔗 Wanneer begon die roem?
(glorie; lof)
gloire
;
renommée
;
réputation
🔗 Hij beseft dat roem vergankelijk is.