Dictionnaire néerlandais–français

Traduction française du mot néerlandais rijs

néerlandais → français
  
néerlandaisfrançais (traduit indirectement)espéranto
(twijg)
rameau
(opgaan; stijgen; wassen; oprijzen; opstijgen; zich verheffen; de hoogte in gaan)
se soulever
(opgaan; opstijgen; omhooggaan)
(zwellen; opzwellen)
gonfler