Dictionnaire néerlandais–français

Traduction française du mot néerlandais kunde

néerlandais → français
  
néerlandaisfrançais (traduit indirectement)espéranto
(kennis)
connaissance
🔗 Afgestudeerden hebben niet de kennis en kunde waar werkgevers naar op zoek zijn.
(geografie)
géographie
🔗 Dat zou hij niet allemaal kunnen verzinnen en ik denk niet dat aardrijkskunde zijn beste vak is geweest.
(bekwaam; capabel; knap)
apte à
;
capable
🔗 Helaas ben ik niet kundig genoeg om de wonden van dit wapen te genezen.
(fysica)
physique
🔗 Ik studeer natuurkunde aan de universiteit van Glasgow.
(anatomie)
anatomie
(pedagogie)
pédagogie
(archeologie)
archéologie
(cijferkunst; rekenkunst)
arithmétique
(chemie)
chimie
🔗 Heb je een wereld gevonden die meer weet van de scheikunde van voedsel dan wij?
staatkunde
(politiek)
politique
stelkunde
(algebra)
algèbre
(astronomie)
astronomie
🔗 Maar om op ons onderwerp terug te komen, het is waar dat de boeken over sterrenkunde zelden een andere hemel dan die van de Aarde beschrijven.
vakkundig
(bevoegd; competent; deskundig)
compétent
;
qualifié
(malacologie)
(psychologie)
psychologie
🔗 Een beoefenaar van de zielkunde zal terstond begrijpen dat Wilson en ik onafscheidelijk waren.