English–Dutch dictionary
Dutch translation of the English word stand
| English | Dutch (translated indirectly) | Esperanto |
|---|---|---|
| (shed; booth; lean‐to; stall) | stalletje ; ; | |
| (get up; rise; stand up suddenly; get on one’s feet; arise; rise to one’s feet) | ekstari | |
| (bleacher) | ||
| (stall) | stalletje ; | |
| (foothold; footing; station) | staanplaats ; standplaats | |
| (viewpoint; point of view; angle; outlook; position; stance; standpoint) | ||
| (pedestal) | ; | |
| (tripod) | stander ; statief | |
| (halt; stop; stoppage; standstill) | stilstand | |
| ||
| (carry out; put up with; carry away; afford) | ; naar buiten brengen | |
| (endure; bear; cope; withstand; make it through) | ; ; ; ; | |
| (opinion; contention; sentiment; view; viewpoint) | ; ; ; ; ; | |
| (endure; put up with; tolerate; abide; brook; condone; stomach; bear) | ; ; ; | |
| (erect; establish; institute; pitch; raise; set; set up; set down) | ; | |
| ||
| (pedestal; base; plinth; socle) | ||
| (bench; trestle; workbench) | ; stander | |
| (pushback) | ||
| (resist; withstand) | ||
| (position; locus; posture) | ; | |
| ||
| ||
anvil stand (anvil bed; anvil block; anvil stock) | ; | |
| ||
stand against (be able to resist; be proof against) | esti rezista kontraŭ | |
| (back; go back; reverse; go backwards) | malantaŭeniĝi | |
| ||
stand by | stari preta | |
stand by (support; sustain; countenance; espouse; maintain; uphold; back up; advocate; be behind) | ; ; ; ; ; ; | |
stand firm | ||
stand for (imply; mean; signify; denote; represent) | staan voor | |
stand for (represent; act for) | ; staan voor | |
stand guard (be on duty) | op post staan ; | posteni |
stand guard (stand sentry; stand watch) | ||
| (standard lamp; floor‐lamp) | ||
| ||
stand out (be outlined) | zich aftekenen | |
stand out (project; protrude; shine; stick out) | ; ; | |
stand out (bevel; highlight; stick out) | ; | reliefiĝi |
stand sentry (stand guard; stand watch) | ||
stand up | ||
stand up for (defend) | ; | |
| (confront; withstand; oppose; offer resistance; resist; defy; stand one’s ground) | ; ; ; zich verzetten ; ; | |
| ||
stand up to (dare to fight) | kuraĝi batali kontraŭ | |
stand watch (stand guard; stand sentry) | ||
| (second; support; back; abet; prop up; backstop) | ||
| ||
wash‐hand stand (handbasin; basin; wash‐basin; wash‐hand basin; washing‐stand; washstand) | ||
bandstand | ||
music‐stand | ; | |
| (reputation) | ||
| ||
| (esteem; regard) | ; | |
| (condition; state; status) | ||
| (lasting; continuous; continual; enduring; permanent; steadfast; constant; abiding; ongoing) | ; ; | |
| (constant; permanent; steadfast; steady) | ; ; | |
| (grade; rank; status; station; echelon) | ||
stand‐pipe | standpijp | akvokolona tubo |
standpoint (viewpoint; point of view; angle; outlook; position; stand; stance) | ||
washing‐stand (handbasin; basin; wash‐basin; wash‐hand basin; wash‐hand stand; washstand) | ||
| English | Dutch |
|---|---|
| stand | ⇆ blijven; ⇆ blijven staan; ⇆ doen staan; ⇆ doorgaan; ⇆ doorstaan; ⇆ dulden; ⇆ gaan staan; ⇆ gelijden; ⇆ getuigenbankje; ⇆ halt; ⇆ halt houden; ⇆ halt maken; ⇆ kandidaat zijn; ⇆ koersen; ⇆ kraam; ⇆ kraampje; ⇆ lessenaar; ⇆ lezenaar; ⇆ lijden; ⇆ meten; ⇆ neerzetten; ⇆ opstellen; ⇆ optreden; ⇆ plaatsen; ⇆ positie; ⇆ rek; ⇆ rekje; ⇆ staan; ⇆ staanplaats; ⇆ stalletje; ⇆ stand; ⇆ standaard; ⇆ stander; ⇆ standhouden; ⇆ standplaats; ⇆ standpunt; ⇆ statief; ⇆ stelling; ⇆ stilstaan; ⇆ stilstand; ⇆ trakteren; ⇆ trakteren op; ⇆ tribune; ⇆ uithouden; ⇆ uitstaan; ⇆ velen; ⇆ verdragen; ⇆ weerstaan; ⇆ weerstand; ⇆ zetten; ⇆ zich bevinden; ⇆ zich kandidaat stellen |
| stand … | ⇆ … lang zijn; ⇆ … zijn |
| bicycle stand | ⇆ fietsenrek; ⇆ fietsrek |
| chips stand | ⇆ frietkraam |
| hall stand | ⇆ kapstok |
| I can do it standing on my head | ⇆ dat is een eitje voor mij; ⇆ dat is een fluitje van een cent voor mij |
| I wouldn’t stand for it | ⇆ ik zou het niet nemen |
| if the matter stands thus | ⇆ als het er zo mee staat |
| I now know where I stand | ⇆ ik weet nu waar ik me aan te houden heb |
| it stands to reason | ⇆ het ligt in de rede; ⇆ het spreekt vanzelf |
| make a stand | ⇆ halt houden; ⇆ standhouden; ⇆ weerstand bieden |
| make a stand against | ⇆ stelling nemen tegen |
| make a stand for | ⇆ opkomen voor |
| not have a leg to stand on | ⇆ geen been hebben om op te staan |
| not stand a chance | ⇆ geen kans hebben |
| not stand for it | ⇆ er niet van gediend zijn; ⇆ het niet nemen |
| one‐night stand | ⇆ eenmalige voorstelling; ⇆ one‐night stand |
| stand against | ⇆ bestand zijn tegen; ⇆ tegenkandidaat zijn van; ⇆ tegenwerken; ⇆ weerstaan; ⇆ zich verzetten tegen |
| stand a good chance | ⇆ een goede kans hebben; ⇆ goede kansen hebben |
| stand and deliver! | ⇆ je geld of je leven! |
| stand as a candidate | ⇆ zich verkiesbaar stellen |
| stand at | ⇆ komen op; ⇆ staan op |
| stand at bay | ⇆ een verdedigende houding aannemen; ⇆ zich niet weten te redden |
| stand at ease! | ⇆ op de plaats rust!; ⇆ rust! |
| stand at nothing | ⇆ voor niets staan; ⇆ voor niets terugdeinzen |
| stand away | ⇆ opzij gaan; ⇆ opzij gaan staan |
| stand away from | ⇆ afstaan van |
| stand back | ⇆ achteruit gaan staan; ⇆ achteruitgaan |
| stand back from | ⇆ afstaan van |
| stand by | ⇆ erbij staan; ⇆ ter zijde staan; ⇆ zich gereed houden; ⇆ zich gereedhouden |
| stand by one’s convictions | ⇆ vasthouden aan zijn overtuiging |
| stand by somebody | ⇆ achter iemand staan; ⇆ het voor iemand opnemen; ⇆ iemand bijspringen; ⇆ iemand bijstaan; ⇆ iemand niet in de steek laten; ⇆ naast iemand staan |
| stand clear | ⇆ opzij gaan |
| stand corrected | ⇆ zijn woorden terugnemen |
| stand down | ⇆ gaan zitten; ⇆ naar zijn plaats gaan; ⇆ zich terugtrekken |
| stand drinks | ⇆ een rondje geven; ⇆ rondjes geven |
| stand easy! | ⇆ op de plaats rust! |
| stand fast | ⇆ niet wijken; ⇆ standhouden; ⇆ zijn poot stijf houden |
| stand firm | ⇆ niet wijken; ⇆ op zijn stuk blijven staan; ⇆ pal staan; ⇆ standhouden; ⇆ vaststaan; ⇆ zijn poot stijf houden |
| stand for | ⇆ doorgaan voor; ⇆ kandidaat zijn voor; ⇆ staan voor; ⇆ symboliseren; ⇆ vertegenwoordigen; ⇆ voorstaan; ⇆ zich kandidaat stellen voor |
| stand for nothing | ⇆ niet gelden; ⇆ niet meetellen |
| stand from the shore | ⇆ van land afhouden |
| stand guard | ⇆ de wacht houden; ⇆ op wacht staan |
| stand in file | ⇆ in de rij staan |
| stand in for | ⇆ invallen voor; ⇆ vervangen; ⇆ waarnemen voor |
| stand in good stead | ⇆ goed van pas komen; ⇆ te stade komen |
| stand in line | ⇆ in de rij gaan staan |
| stand in one’s own light | ⇆ zichzelf in het licht staan; ⇆ zijn eigen glazen ingooien |
| stand in the light of | ⇆ belemmeren; ⇆ verduisteren |
| stand in the way of | ⇆ belemmeren |
| stand it | ⇆ het uithouden |
| stand off | ⇆ afhouden; ⇆ opzij treden; ⇆ schorsen; ⇆ zich op een afstand houden |
| stand on | ⇆ gesteld zijn op; ⇆ liggen op |
| stand one’s trial | ⇆ terechtstaan |
| stand on one’s defence | ⇆ zich krachtig verdedigen |
| stand out | ⇆ afstaan; ⇆ afsteken; ⇆ blijven ontkennen; ⇆ het uithouden; ⇆ niet meedoen; ⇆ uitkomen; ⇆ uitspringen; ⇆ uitstaan; ⇆ uitsteken; ⇆ volhouden; ⇆ zich aftekenen; ⇆ zich afzijdig houden; ⇆ zich onderscheiden; ⇆ zich terugtrekken |
| stand out above | ⇆ uiisteken boven |
| stand out a mile | ⇆ erg opvallen; ⇆ in het oog springen |
| stand out against | ⇆ afsteken tegen; ⇆ uitkomen tegen; ⇆ zich aftekenen tegen; ⇆ zich verzetten tegen |
| stand out for one’s rights | ⇆ voor zijn rechten opkomen |
| stand out from | ⇆ uitsteken boven |
| stand over | ⇆ blijven liggen; ⇆ blijven staan; ⇆ een wakend oog houden op; ⇆ wachten |
| stand pat | ⇆ op zijn stuk blijven staan |
| stand pat on | ⇆ blijven bij |
| stand rooted to the spot | ⇆ als aan de grond genageld staan |
| stand sentry | ⇆ de wacht houden; ⇆ op post staan; ⇆ op schildwacht staan; ⇆ op wacht staan; ⇆ schilderen |
| stand shoulder to shoulder | ⇆ mannetje aan mannetje staan; ⇆ schouder aan schouder staan |
| stand still | ⇆ stilstaan |
| stand the racket | ⇆ de gevolgen voor zijn rekening nemen; ⇆ het gelag betalen |
| stand the test | ⇆ de proef doorstaan; ⇆ de toets der kritiek kunnen doorstaan; ⇆ de vuurproef doorstaan |
| stand the test of time | ⇆ de tand des tijds doorstaan |
| stand to | ⇆ in het geweer komen; ⇆ paraat zijn; ⇆ verantwoorden |
| stand together | ⇆ schouder aan schouder staan |
| stand to it | ⇆ op zijn stuk blijven staan; ⇆ standhouden; ⇆ volhouden |
| stand to win | ⇆ alle kans hebben om te winnen |
| stand trial | ⇆ terechtstaan |
| stand up | ⇆ bedotten; ⇆ gaan staan; ⇆ laten wachten; ⇆ laten zitten; ⇆ overeind blijven; ⇆ overeind gaan staan; ⇆ overeind zetten; ⇆ overtuigen; ⇆ rechtstaan; ⇆ standhouden; ⇆ verrijzen |
| stand up against | ⇆ bekampen; ⇆ in verzet komen tegen; ⇆ standhouden tegen; ⇆ weerstaan; ⇆ zich verzetten tegen |
| stand up for | ⇆ het opnemen voor; ⇆ opkomen voor; ⇆ partij trekken voor; ⇆ vechten voor; ⇆ verdedigen; ⇆ zich hardmaken voor |
| stand up for oneself | ⇆ zich de kaas niet van het brood laten eten; ⇆ zijn mannetje staan |
| stand upon | ⇆ gesteld zijn op; ⇆ staan op; ⇆ steunen op |
| stand up to | ⇆ het hoofd bieden aan; ⇆ het opnemen tegen; ⇆ zich niet laten intimideren door |
| stand up to somebody | ⇆ iemand aandurven |
| stand watch | ⇆ de wacht houden; ⇆ op wacht staan |
| stand well with | ⇆ op goede voet staan met |
| stand with | ⇆ aan de kant staan van; ⇆ aan de zijde staan van; ⇆ staan achter |
| take a clear stand | ⇆ een duidelijk standpunt innemen |
| take a firm stand | ⇆ zich schrap zetten |
| take one’s stand | ⇆ gaan staan; ⇆ postvatten |
| take one’s stand on | ⇆ zich baseren op |
| taxi stand | ⇆ taxistandplaats |
| umbrella stand | ⇆ paraplubak; ⇆ paraplustandaard |
| wash‐hand stand | ⇆ wastafel |
| with this the matter will stand or fail | ⇆ hiermee staat of valt de zaak |
| bandstand | ⇆ muziektent |
| book‐stand | ⇆ boekenkast |
| bystander | ⇆ omstander; ⇆ toeschouwer |
| cab‐stand | ⇆ standplaats voor hurrijtuigen; ⇆ taxistandplaats |
| cruet‐stand | ⇆ olie‐en‐azijnstel |
| egg‐stand | ⇆ eierstel |
| handstand | ⇆ handstand; ⇆ hoogstand |
| hat‐stand | ⇆ kapstok |
| inkstand | ⇆ inktkoker; ⇆ inktpot; ⇆ inktstel |
| music‐stand | ⇆ muziekstandaard; ⇆ muziekstander |
| news‐stand | ⇆ krantenkiosk |
| night‐stand | ⇆ nachtkastje |
| stand‐off | ⇆ gelijkspel; ⇆ remise |
| stand‐in | ⇆ invaller; ⇆ stand‐in; ⇆ vervanger |
| standing | ⇆ anciënniteit; ⇆ blijvend; ⇆ duur; ⇆ geijkt; ⇆ permanent; ⇆ positie; ⇆ rang; ⇆ reputatie; ⇆ staan; ⇆ staand; ⇆ staanplaats; ⇆ stand; ⇆ stereotiep; ⇆ stilstaand; ⇆ te velde staand; ⇆ vast |
| stand‐pipe | ⇆ standpijp |
| standpoint | ⇆ standpunt |
| washing‐stand | ⇆ wastafel |