| English | Dutch |
|---|
| hearing | ⇆ auditie; ⇆ behandeling; ⇆ gehoor; ⇆ hoorzitting; ⇆ verhoor; ⇆ verhoring |
| dullness of hearing | ⇆ hardhorendheid |
| dull of hearing | ⇆ hardhorend; ⇆ hardhorig |
| get a hearing | ⇆ gehoor krijgen |
| give somebody a hearing | ⇆ iemand aanhoren |
| hardness of hearing | ⇆ slechthorendheid |
| hard of hearing | ⇆ gehoorgestoord; ⇆ hardhorend; ⇆ hardhorig; ⇆ slechthorend |
| hearing aid | ⇆ hoorapparaat; ⇆ hoortoestel |
| hearing protection | ⇆ gehoorbescherming |
| in my hearing | ⇆ zodat ik het horen kan; ⇆ zodat ik het horen kon |
| in the hearing of | ⇆ ten aanhoren van |
| obtain a hearing | ⇆ gehoor krijgen |
| out of hearing | ⇆ buiten gehoorsafstand; ⇆ te ver weg om gehoord te kunnen worden |
| within hearing | ⇆ binnen gehoorsafstand; ⇆ dichtbij genoeg om gehoord te kunnen worden; ⇆ op gehoorsafstand |
| within my hearing | ⇆ zodat ik het horen kan; ⇆ zodat ik het horen kon |
| hear | ⇆ behandelen; ⇆ bericht krijgen; ⇆ horen; ⇆ in verhoor nemen; ⇆ luisteren; ⇆ overhoren; ⇆ verhoren; ⇆ vernemen; ⇆ vernomen hebben |