Dutch–English dictionary

English translation of the Dutch word wegdragen

Dutch → English
  
DutchEnglish (translated indirectly)Esperanto
(aanhebben)
🔗 Waarom draagt u dan handschoenen?
;
put up with
; ;
carry away
;
(voeren; voorhebben);
🔗 Kun je lopen of moet ik je dragen?
(schoren; steunen; ondersteunen; schragen);
;
🔗 Ik draag je naar bed.
(bij zich hebben);
🔗 Ik draag geen horloge.
🔗 Ze gaan een eigen leven leiden en moeten zelf de gevolgen dragen van hun daden.

DutchEnglish
wegdragen bear away; bear off; carry; carry away; carry off; meet with
dragen abide; bear; bearing; carry; convey; discharge; poise; range; tote; waft; wear; suffer; support; sustain