Diccionario neerlandés–español

Traducción española de la palabra neerlandesa spijs

neerlandés → español
  
neerlandésespañol (traducido indirectamente)esperanto
(eten)
manjar
;
plato
🔗 Cugel liep naar het buffet toe en onderwierp de spijzen aan een nader onderzoek.
pasta de almendras
(ambrozijn)
ambrosía
(digestie; vertering)
digestión
🔗 Het zal wel aan je spijsvertering liggen.
(te eten geven; voederen; voeren)
dar de comer
manĝigi
🔗 En men moet de behoeftigen spijzigen.
toespijs
(dessert; toetje; nagerecht)
postre