Diccionario neerlandés–español

Traducción española de la palabra neerlandesa grijparm

neerlandés → español
  
neerlandésespañol (traducido indirectamente)esperanto
cigüeña
;
manivela
(armzalig; armoedig; pover)
pobre
🔗 De arme Bilbo kon het niet langer aanhoren.
pobre
🔗 Arm was hij niet.
🔗 Hij nam haar in zijn armen en droeg haar de kamer uit.
(bemachtigen; aangrijpen; vastgrijpen; te pakken krijgen)
agarrar
;
apoderarse de
;
asir
;
coger
🔗 Grijpt hem!
(beetpakken; vatten)
agarrar
🔗 Hij greep naar mij, maar ik was al weer weg.

neerlandésespañolinglés
grijparmtentáculotentacle