Synonymer: nodig hebben, behoeven, benodigen, van node hebben
| Del av tal | verb |
|---|
| Uttal | /ˈɦuvə(n)/ |
|---|
| Avstavning | hoe·ven |
|---|
U hoeft geen ervaring te hebben met programmeertalen.
Zolang hij zich doodstil hield, hoefde hij zich niet bezorgd te maken.
Meer hoef ik niet te zeggen.
Je hoeft nergens bang voor te zijn.
Dus we hoeven niet ver te lopen?
Bij een meerderheid van 76 zetels hoeft maar één persoon het ergens niet mee eens te zijn.
Hij hoefde zich niet te haasten.