Information om ordet nemen (nederländska → esperanto: preni)

Del av talverb
Uttal/ˈnemə(n)/
Avstavningne·men

Konjugation

Indikativ
PresensDåtid
(ik) neem(ik) nam
(jij) neemt(jij) nam
(hij) neemt(hij) nam
(wij) nemen(wij) namen
(jullie) nemen(jullie) namen
(gij) neemt(gij) naamt
(zij) nemen(zij) namen
Konjunktiv
PresensDåtid
(dat ik) neme(dat ik) name
(dat jij) neme(dat jij) name
(dat hij) neme(dat hij) name
(dat wij) nemen(dat wij) namen
(dat jullie) nemen(dat jullie) namen
(dat gij) nemet(dat gij) namet
(dat zij) nemen(dat zij) namen
Imperativ
Singular/PluralPlural
neemneemt
Particip
Nuvarande participPerfektparticip
nemend, nemende(hebben) genomen

Användningsexempel

Adam Reith doodde de koerier en nam van hem een boodschap van onbekend belang.
Hij dreigde ons met zijn revolver en nam de koffer.

Översättningar

afrikaansneem
engelskatake
esperantopreni
franskaprendre
lågskotskatak
lågtyskanömmen
tyskanehmen
västfrisiskanimme