Informazioni sulla parola dóórsnijden (olandese → Esperanto: sekci)

Sinonimi: sectie verrichten, snijden

Parte del discorsoverb
Pronuncia/ˈdorsnɛɪ̯də(n)/
Sillabazionedoor·snij·den

Coniugazione

Modo indicativo
PresentePassato
(ik) snij door, snijd door(ik) sneed door
(jij) snijdt door(jij) sneed door
(hij) snijdt door(hij) sneed door
(wij) snijden door(wij) sneden door
(jullie) snijden door(jullie) sneden door
(gij) snijdt door(gij) sneedt door
(zij) snijden door(zij) sneden door
Modo congiuntivo
PresentePassato
(dat ik) doorsnijde(dat ik) doorsnede
(dat jij) doorsnijde(dat jij) doorsnede
(dat hij) doorsnijde(dat hij) doorsnede
(dat wij) doorsnijden(dat wij) doorsneden
(dat jullie) doorsnijden(dat jullie) doorsneden
(dat gij) doorsnijdet(dat gij) doorsnedet
(dat zij) doorsnijden(dat zij) doorsneden
Modo imperativo
Singolare/PluralePlurale
snij door, snijd doorsnijdt door
Participi
Participio presenteParticipio passato
doorsnijdend, doorsnijdende(hebben) doorgesneden