Informazioni sulla parola keren (olandese → Esperanto: reversi)

Parte del discorsoverb
Pronuncia/ˈkerə(n)/
Sillabazioneke·ren

Coniugazione

Modo indicativo
PresentePassato
(ik) keer(ik) keerde
(jij) keert(jij) keerde
(hij) keert(hij) keerde
(wij) keren(wij) keerden
(jullie) keren(jullie) keerden
(gij) keert(gij) keerdet
(zij) keren(zij) keerden
Modo congiuntivo
PresentePassato
(dat ik) kere(dat ik) keerde
(dat jij) kere(dat jij) keerde
(dat hij) kere(dat hij) keerde
(dat wij) keren(dat wij) keerden
(dat jullie) keren(dat jullie) keerden
(dat gij) keret(dat gij) keerdet
(dat zij) keren(dat zij) keerden
Modo imperativo
Singolare/PluralePlurale
keerkeert
Participi
Participio presenteParticipio passato
kerend, kerende(hebben) gekeerd

Traduzioni

esperantoreversi
franceseretourner
ingleseturn
spagnolovolver del revés