Informazioni sulla parola verwerken (olandese → Esperanto: prilabori)

Sinonimo: bewerken

Parte del discorsoverb
Pronuncia/vərˈʋɛrkə(n)/
Sillabazionever·wer·ken

Coniugazione

Modo indicativo
PresentePassato
(ik) verwerk(ik) verwerkte
(jij) verwerkt(jij) verwerkte
(hij) verwerkt(hij) verwerkte
(wij) verwerken(wij) verwerkten
(jullie) verwerken(jullie) verwerkten
(gij) verwerkt(gij) verwerktet
(zij) verwerken(zij) verwerkten
Modo congiuntivo
PresentePassato
(dat ik) verwerke(dat ik) verwerkte
(dat jij) verwerke(dat jij) verwerkte
(dat hij) verwerke(dat hij) verwerkte
(dat wij) verwerken(dat wij) verwerkten
(dat jullie) verwerken(dat jullie) verwerkten
(dat gij) verwerket(dat gij) verwerktet
(dat zij) verwerken(dat zij) verwerkten
Modo imperativo
Singolare/PluralePlurale
verwerkverwerkt
Participi
Participio presenteParticipio passato
verwerkend, verwerkende(hebben) verwerkt

Esempi di utilizzo

Ik heb slechts een half dozijn karkassen te verwerken gekregen.

Traduzioni

basso‐tedescobewarken
esperantoprilabori
faroensearbeiða við; evna til; smíða
frisone di Saterlandbeoarbaidje
frisone occidentalebeärbeidzje
inglesecope with
polacoopracować
spagnoloelaborar; labrar
tedescobearbeiten