Informazioni sulla parola ophangen (olandese → Esperanto: pendumi)

Sinonimi: opknopen, hangen

Parte del discorsoverb
Pronuncia/ˈɔpɦɑŋə(n)/
Sillabazioneop·han·gen

Coniugazione

Modo indicativo
PresentePassato
(ik) hang op(ik) hing op
(jij) hangt op(jij) hing op
(hij) hangt op(hij) hing op
(wij) hangen op(wij) hingen op
(jullie) hangen op(jullie) hingen op
(gij) hangt op(gij) hingt op
(zij) hangen op(zij) hingen op
Modo congiuntivo
PresentePassato
(dat ik) ophange(dat ik) ophinge
(dat jij) ophange(dat jij) ophinge
(dat hij) ophange(dat hij) ophinge
(dat wij) ophangen(dat wij) ophingen
(dat jullie) ophangen(dat jullie) ophingen
(dat gij) ophanget(dat gij) ophinget
(dat zij) ophangen(dat zij) ophingen
Modo imperativo
Singolare/PluralePlurale
hang ophangt op
Participi
Participio presenteParticipio passato
ophangend, ophangende(hebben) opgehangen

Esempi di utilizzo

Waarschijnlijk verdienen jullie het ook om te worden opgehangen.
Ik zal het bewijzen door u aan de eerste boom daar op te hangen als u weigert het tegen mij op te nemen.
Als zij mij morgen komen halen om mij op te hangen, wat te vrezen valt, zal ik de kracht ervan zelfs op de beul proberen.
Weet u, ik vrees dat ’t haar ijskoud had gelaten als die aardige, domme meneer Spenlow was opgehangen.
In India zijn vrijdagochtend vier mannen opgehangen nadat zij ter dood waren veroordeeld voor de verkrachting van een jonge vrouw in een rijdende bus in 2012.
Het kan me niets schelen, al hangen ze mij ervoor op.

Traduzioni

afrikaanshang; ophang
esperantopendumi; pendigi
frisone occidentalehingje
inglesehang; swing
portogheseenforcar
spagnoloahorcar; colgar