Informazioni sulla parola binnenkrijgen (olandese → Esperanto: engluti)

Sinonimi: innemen, inslikken

Parte del discorsoverb
Pronuncia/ˈbɪnə(ŋ)krɛɪ̯ɣə(n)/
Sillabazionebin·nen·krij·gen

Coniugazione

Modo indicativo
PresentePassato
(ik) krijg binnen(ik) kreeg binnen
(jij) krijgt binnen(jij) kreeg binnen
(hij) krijgt binnen(hij) kreeg binnen
(wij) krijgen binnen(wij) kregen binnen
(jullie) krijgen binnen(jullie) kregen binnen
(gij) krijgt binnen(gij) kreegt binnen
(zij) krijgen binnen(zij) kregen binnen
Modo congiuntivo
PresentePassato
(dat ik) binnenkrijge(dat ik) binnenkrege
(dat jij) binnenkrijge(dat jij) binnenkrege
(dat hij) binnenkrijge(dat hij) binnenkrege
(dat wij) binnenkrijgen(dat wij) binnenkregen
(dat jullie) binnenkrijgen(dat jullie) binnenkregen
(dat gij) binnenkrijget(dat gij) binnenkreget
(dat zij) binnenkrijgen(dat zij) binnenkregen
Participi
Participio presenteParticipio passato
binnenkrijgend, binnenkrijgende(hebben) binnengekregen

Traduzioni

cecopohltit; polknout
esperantoengluti
frisone di Saterlandferslinge
ingleseengulf; swallow up; swallow
portoghesesorver
spagnolotomar; tragar
tedescoverschlucken; hinunterschlucken; hinunterschlingen