Informazioni sulla parola verdragen (olandese → Esperanto: elteni)

Sinonimi: doorstaan, dulden, uithouden, uitstaan, volhouden

Parte del discorsoverb
Pronuncia/vərˈdraɣə(n)/
Sillabazionever·dra·gen

Coniugazione

Modo indicativo
PresentePassato
(ik) verdraag(ik) verdroeg
(jij) verdraagt(jij) verdroeg
(hij) verdraagt(hij) verdroeg
(wij) verdragen(wij) verdroegen
(jullie) verdragen(jullie) verdroegen
(gij) verdraagt(gij) verdroegt
(zij) verdragen(zij) verdroegen
Modo congiuntivo
PresentePassato
(dat ik) verdrage(dat ik) verdroege
(dat jij) verdrage(dat jij) verdroege
(dat hij) verdrage(dat hij) verdroege
(dat wij) verdragen(dat wij) verdroegen
(dat jullie) verdragen(dat jullie) verdroegen
(dat gij) verdraget(dat gij) verdroeget
(dat zij) verdragen(dat zij) verdroegen
Modo imperativo
Singolare/PluralePlurale
verdraagverdraagt
Participi
Participio presenteParticipio passato
verdragend, verdragende(hebben) verdragen

Esempi di utilizzo

De afschuwelijke stank en bijtende rook van het natte hout waren al even moeilijk te verdragen als de muskieten.

Traduzioni

catalanoaguantar fins al final
esperantoelteni
faroensehalda út; orka; tola
francesesoutenir; supporter
frisone di Saterlanduuthoolde; uutstounde; häide; ferdreege
ingleseendure; bear; stand
portoghesesuportar
spagnoloaguantar hasta el fin
tailandeseทาน
tedescoaushalten; ausstehen; ertragen