Informazioni sulla parola ondergáán (olandese → Esperanto: suferi)

Sinonimo: lijden

Parte del discorsoverb
Pronuncia/ɔndərˈɣan/
Sillabazioneon·der·gaan

Coniugazione

Modo indicativo
PresentePassato
(ik) ondergaan(ik) onderging
(jij) ondergaat(jij) onderging
(hij) ondergaat(hij) onderging
(wij) ondergaan(wij) ondergingen
(jullie) ondergaan(jullie) ondergingen
(gij) ondergaat(gij) ondergingt
(zij) ondergaan(zij) ondergingen
Modo congiuntivo
PresentePassato
(dat ik) onderga(dat ik) onderginge
(dat jij) onderga(dat jij) onderginge
(dat hij) onderga(dat hij) onderginge
(dat wij) ondergaan(dat wij) ondergingen
(dat jullie) ondergaan(dat jullie) ondergingen
(dat gij) ondergaat(dat gij) onderginget
(dat zij) ondergaan(dat zij) ondergingen
Modo imperativo
Singolare/PluralePlurale
ondergaondergaat
Participi
Participio presenteParticipio passato
ondergaand, ondergaande(hebben) ondergingen

Esempi di utilizzo

Tagaki’s strijdmacht onderging intussen ook een aanval van de vliegtuigen der Amerikaanse vliegdekschepen.
Bovendien onderging ik voor de eerste maal in mijn leven de emotie van de angst.
Laat hem maar ondergaan wat hij verdient.