Sinonimi: geestelijke, pastor, zielszorger, zielverzorger, herder
| Parte del discorso | common noun |
|---|
| Pronuncia | /ˈpristər/ |
|---|
| Sillabazione | pries·ter |
|---|
| Genere | maschile |
|---|
| Plurale | priesters |
|---|
Probeer maar of er priesters zijn die met je willen delen als je in nood zit!
Volgens de onderzoekers waren de bisdommen op de hoogte van het misbruik door de priesters, maar werd er geen actie ondernomen.
Zijn de priesters van de tempel beleefd tegen je geweest?
Drie priesters stonden te zingen bij een open kist.
De man staarde hem aan en holde toen weg, de enige straat van het dorp door, om de priester roepende.
De voornaamste positie in de stad werd zonder twijfel ingenomen door de priesters.