Information du mot boodschappen doen (néerlandais → espéranto: butikumi)

Synonyme: winkelen

Parti du discoursverbe
Césurebood·schap·pen doen

Exemples d’usage

Ik ga toch ook boodschappen doen in de supermarkt?
Mensen doen steeds vaker op zondag boodschappen, zo blijkt uit recente cijfers van het Centraal Bureau Levensmiddelen.
Tom Poes liep over de weg naar Rommeldam om boodschappen te doen.