Information du mot vilten (néerlandais → espéranto: felta)

Parti du discoursadjectif
Prononciation/ˈvɪltə(n)/
Césurevil·ten

Exemples d’usage

Aan zijn blote voeten had hij vilten pantoffels.
Hij schoof zijn vilten hoedje ver naar achteren en keek omhoog.
Hier heb je vilten doeken.

Traductions

allemandFilz‐
espérantofelta