Information du mot meegaan (néerlandais → espéranto: kuniri)

Synonyme: medegaan

Parti du discoursverbe
Prononciation/ˈmeɣan/
Césuremee·gaan

Conjugaison

Indicatif
PrésentPassé
(ik) ga mee(ik) ging mee
(jij) gaat mee(jij) ging mee
(hij) gaat mee(hij) ging mee
(wij) gaan mee(wij) gingen mee
(jullie) gaan mee(jullie) gingen mee
(gij) gaat mee(gij) gingt mee
(zij) gaan mee(zij) gingen mee
Subjonctif
PrésentPassé
(dat ik) meega(dat ik) meeginge
(dat jij) meega(dat jij) meeginge
(dat hij) meega(dat hij) meeginge
(dat wij) meegaan(dat wij) meegingen
(dat jullie) meegaan(dat jullie) meegingen
(dat gij) meegaat(dat gij) meeginget
(dat zij) meegaan(dat zij) meegingen
Impératif
Singulier/PlurielPluriel
ga meegaat mee
Participes
Participe présentParticipe passé
meegaand, meegaande(zijn) meegegaan

Exemples d’usage

Heb je zin om met ons mee te gaan?
Ik ging met hen mee, een ervaring rijker.
Ga je mee een kijkje nemen?
Het zou beter zijn als ik met u meeging.
Later is Angela Warren naar het strand gegaan om te zwemmen en Philip Blake is met haar meegegaan.
Want Tom Poes ging natuurlijk mee.
Ga je nu met me mee?

Traductions

anglaisgo with
espérantokuniri
féringienganga saman