Information du mot opdoemen (néerlandais → espéranto: konturiĝi)

Synonyme: zich aftekenen

Parti du discoursverbe
Prononciation/ˈɔbdumə(n)/
Césureop·doe·men

Conjugaison

Indicatif
PrésentPassé
(ik) opdoem(ik) opdoemde
(jij) opdoemt(jij) opdoemde
(hij) opdoemt(hij) opdoemde
(wij) opdoemen(wij) opdoemden
(jullie) opdoemen(jullie) opdoemden
(gij) opdoemt(gij) opdoemdet
(zij) opdoemen(zij) opdoemden
Subjonctif
PrésentPassé
(dat ik) opdoeme(dat ik) opdoemde
(dat jij) opdoeme(dat jij) opdoemde
(dat hij) opdoeme(dat hij) opdoemde
(dat wij) opdoemen(dat wij) opdoemden
(dat jullie) opdoemen(dat jullie) opdoemden
(dat gij) opdoemet(dat gij) opdoemdet
(dat zij) opdoemen(dat zij) opdoemden
Participes
Participe présentParticipe passé
opdoemend, opdoemende(zijn) opgedoemd

Exemples d’usage

De heuvels doemden donker op tegen de hemel, maar nergens was een blijk van bewoning te bekennen.

Traductions

allemandsich abheben
espérantokonturiĝi