Information du mot bewijzen (néerlandais → espéranto: montri)

Synonymes: tonen, aan de dag leggen, betonen

Parti du discoursverbe
Prononciation/bəˈʋɛɪ̯zə(n)/
Césurebe·wij·zen

Conjugaison

Indicatif
PrésentPassé
(ik) bewijs(ik) bewees
(jij) bewijst(jij) bewees
(hij) bewijst(hij) bewees
(wij) bewijzen(wij) bewezen
(jullie) bewijzen(jullie) bewezen
(gij) bewijst(gij) beweest
(zij) bewijzen(zij) bewezen
Subjonctif
PrésentPassé
(dat ik) bewijze(dat ik) beweze
(dat jij) bewijze(dat jij) beweze
(dat hij) bewijze(dat hij) beweze
(dat wij) bewijzen(dat wij) bewezen
(dat jullie) bewijzen(dat jullie) bewezen
(dat gij) bewijzet(dat gij) bewezet
(dat zij) bewijzen(dat zij) bewezen
Impératif
Singulier/PlurielPluriel
bewijsbewijst
Participes
Participe présentParticipe passé
bewijzend, bewijzende(hebben) bewezen

Exemples d’usage

Ik sta erop dat u mij de eerbied bewijst die een geestelijke toekomt.

Traductions

afrikaansaan die dag lê
anglaisshow
créole jamaïcainshuo
espérantomontri
françaisdémontrer