Information du mot feest vieren (néerlandais → espéranto: festi)

Synonymes: fuiven, vieren, feestvieren, feesten

Parti du discoursverbe
Césurefeest vie·ren

Exemples d’usage

Een deel van de Iraanse gemeenschap in Nederland viert feest vanwege het overlijden van de president en de minister van buitenlandse zaken van Iran.
Op meerdere plekken in het land wordt feest gevierd.