Information du mot beker (néerlandais → espéranto: tasego)

Parti du discourssubstantif
Prononciation/ˈbekər/
Césurebe·ker
Genremasculin
Plurielbekers

Diminutif
SingulierPluriel
bekertjebekertjes

Exemples d’usage

Arflane bracht een beker met warme bouillon naar de gebarsten lippen.
Hij hief een gouden beker naar zijn lippen en nam een slok wijn.
Deze beker werd voor hem gevuld met bier.

Traductions

anglaismug
espérantotasego