Information du mot resteren (néerlandais → espéranto: resti)

Synonymes: resten, overblijven, over zijn

Parti du discoursverbe
Prononciation/rɛˈsteːrə(n)/
Césureres·te·ren

Conjugaison

Indicatif
PrésentPassé
(het) resteert(het) resteerde
Subjonctif
PrésentPassé
(dat het) restere(dat het) resteerde
Participe passé
(heeft) geresteerd

Exemples d’usage

De Israëlische premier zei dat hij dit deed omdat Ḥamās er te lang over doet om de resterende lichamen van gijzelaars over te dragen.

Traductions

allemandbleiben
anglaisremain
espérantoresti
françaisrester