Information du mot toebrengen (néerlandais → espéranto: doni)

Synonyme: geven

Parti du discoursverbe
Prononciation/ˈtubrɛŋə(n)/
Césuretoe·bren·gen

Conjugaison

Indicatif
PrésentPassé
(ik) breng toe(ik) bracht toe
(jij) brengt toe(jij) bracht toe
(hij) brengt toe(hij) bracht toe
(wij) brengen toe(wij) brachten toe
(jullie) brengen toe(jullie) brachten toe
(gij) brengt toe(gij) brachtet toe
(zij) brengen toe(zij) brachten toe
Subjonctif
PrésentPassé
(dat ik) toebrenge(dat ik) toebrachte
(dat jij) toebrenge(dat jij) toebrachte
(dat hij) toebrenge(dat hij) toebrachte
(dat wij) toebrengen(dat wij) toebrachten
(dat jullie) toebrengen(dat jullie) toebrachten
(dat gij) toebrenget(dat gij) toebrachtet
(dat zij) toebrengen(dat zij) toebrachten
Impératif
Singulier/PlurielPluriel
breng toebrengt toe
Participes
Participe présentParticipe passé
toebrengend, toebrengende(hebben) toegebracht

Exemples d’usage

Bij Borodino zou hij de Fransen een belangrijke slag toebrengen.
Gezien de aard van de verwonding moet de slag met grote kracht zijn toegebracht.
We moeten de Russen zoveel mogelijk verliezen blijven toebrengen.

Traductions

afrikaansgee
anglaisgive
bas allemandgeaven
espérantodoni
papiamentoduna