Information du mot slaperigheid (néerlandais → espéranto: dormemo)

Parti du discourssubstantif
Prononciation/ˈslapərəxɦɛɪ̯t/
Césuresla·pe·rig·heid
Genreféminin

Exemples d’usage

Een slaperigheid die steeds zwaarder werd en die niets met vermoeidheid uitstaande had, maakte zich van hem meester en hij begreep dat hij daar spoedig niet meer tegen zou kunnen vechten.
Plotseling kreeg Frodo zelf een aanval van slaperigheid.

Traductions

allemandSchläfrigkeit
espérantodormemo