Information du mot bevangen (néerlandais → espéranto: timide)

Parti du discoursadverbe
Prononciation/bəˈvɑŋə(n)/
Césurebe·van·gen

Exemples d’usage

Met deze woorden stak hij bevelend een vinger uit, en de assistent gehoorzaamde bevangen.
Hij verdween in het gras, en heer Bommel klopte bevangen aan.

Traductions

espérantotimide