Information du mot vagebond (néerlandais → espéranto: vagabondo)

Synonymes: landloper, zwerver

Parti du discourssubstantif
Prononciation/ˈvaɣəbɔnt/
Césureva·ge·bond

Exemples d’usage

Een tijdje zwierf Shimrod als vagebond over de Oude Eilanden.
Ik heb het leven van een vagebond geleid.
Ik ben evenzeer een vagebond als jij.
Deze jongen is geen vagebond.

Traductions

allemandVagabund; Herumtreiber; Landstreicher; Strolch
anglaisvagabond
espagnolvagabundo; vago
espérantovagabondo; vagisto; vagulo; trampo
féringienrekavætti; landastrok; vallari
portugaiserrante; nómade; vagabundo; vagamundo