Information du mot gaan zitten (néerlandais → espéranto: sidiĝi)

Synonymes: plaatsnemen, zich zetten

Parti du discoursverbe
Césuregaan zit·ten

Exemples d’usage

Zij ging naast mij aan de tafel zitten.
Duizelig ging ze zitten.
Ga zitten en tast toe.
Wij gingen op een muurtje zitten, een eindje verder de weg op.
Hij bond zijn paard vast, ging op de grond zitten en stak een sigaret op.